Vermoedelijk is nooit eerder de akoestiek van een concertzaal zo minutieus gepland als bij de Elbphilharmonie. Zal deze aan de hoge verwachtingen voldoen?

'KLAAR' was het woord dat op 31 oktober 2016 op de buitengewone, gewelfde en bedrukte vensterelementen van de Elbphilharmonie prijkte. Ieder afzonderlijk element kostte ongeveer 70.000 euro – allemaal individuele, unieke stukken. Was dat nu nodig? Nog veel hoogwaardiger is de akoestische beplating in de Grote Zaal van de Elbphilharmonie. En ja, dat was nodig. Dat tonen ook de ervaringen die Sydney met zijn operagebouw heeft opgedaan. Maar leest uzelf …

The Kampmann Heute company magazine with Issue 4

KAMPMANN HEUTE NR. 4: drie jaar geleden werd de Elbphilharmonie al eens belicht.

KAMPMANN HEUTE NR. 4: drie jaar geleden werd de Elbphilharmonie al eens belicht.

Toen wij begin 2014 in KAMPMANN HEUTE over de Elbphilharmonie berichtten, staken wij onze nek uit. "Zes hele jaren vertraging bij de bouw kunnen het prestigeobject Elbphilharmonie niet deren", luidde onze subregel bij de kop 'Als de tijdbal klemt'. De bedoelde tijdbal bekroonde ooit de Kaispeicher A, het pakhuis (ter ere van keizer Wilhelm I ook wel 'Kaiserspeicher' genoemd) dat lange tijd het havenbeeld van Hamburg bepaalde. De tijdbal vormde de torenspits van de kathedraalachtige Kaiserspeicher en meldde aan zeelieden hoe laat het was. Elke middag om tien minuten voor twaalf werd een zwarte bal drie meter omhooggetrokken en precies om 12 uur liet men deze vallen. De Kaiserspeicher raakte in de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd en werd in 1963 door een nieuwe Kaispeicher vervangen. Dit monolithische utiliteitsgebouw vormt nu de baksteenbasis van de Elbphilharmonie.

Zo was de Kaiserspeicher ooit een teken van punctualiteit. En zo is de Elbphilharmonie op dezelfde plaats een teken van grote vertraging – en een bron van ergernis voor de belastingbetaler, een bewijs van politiek onvermogen en tekortschietende planning. Desalniettemin: zes hele jaren vertraging bij de bouw kunnen het prestigeobject 'Elbphilharmonie' niet deren. Dat tonen de vele positieve berichten in de media, waaruit blijkt dat de Hamburgers hun 'Elphi' allang hebben omarmd en ervan zijn gaan houden en het feit dat de Elbphilharmonie maandenlang uitverkocht is. Want uiteindelijk is het concertgebouw gewoon een groots bouwwerk dat op een prominente plaats het stadsbeeld van de Hanzestad enorm opluistert en de stad met een fenomenaal cultureel instituut uitbreidt. Zonder de chaotische beginfase te willen vergoelijken, zal het op een dag enkel nog een scheppingsmythe zijn.

Ook hier kunnen wij terugblikken op KAMPMANN HEUTE nr. 4. Daarin vergeleken wij de Elbphilharmonie met het Sydney Opera House, omdat er tussen beide bouwwerken verrassende parallellen bestaan: net als de Elbphilharmonie is het operagebouw van Sydney markant gelegen op een schiereiland in de haven van een wereldstad. En ook in Sydney werd de bouw overschaduwd door planningsfouten die zelfs politieke gevolgen hadden en voor een sterke stijging van de bouwkosten zorgden. Er is wel 14 jaar aan het operagebouw gebouwd.

Laten we Australië nader bestuderen. Want de ontstaansgeschiedenis van het operagebouw dat niet alleen van Sydney, maar van heel Australië het symbool geworden is, reikt tot in het heden en slaat een brug naar de Elbphilharmonie in Hamburg.

HET OPERAGEBOUW IN SYDNEY: QUA PLANNING EEN RAMP

Vrijwel iedereen kan zich het silhouet van het Sydney Opera House voor de geest halen. Het is de unieke vorm van een van de beroemdste gebouwen ter wereld en een icoon van de wereldarchitectuur. Schepper van het gebouw was Jørn Utzon, winnaar van de vooraanstaande Pritzker-prijs. De Deen won in 1957 de ontwerpwedstrijd voor het operagebouw, en dat terwijl hij tegen de regels in slechts een ruwe schets van het gebouw inleverde. Voorzitter van de jury was Eero Saarinen, een van de bekendste architecten en designers van de 20e eeuw. De statische berekeningen van de opzienbarende dakconstructie werden uitgevoerd door Ove Arup, grondlegger van het tegenwoordig wereldwijd toonaangevende ingenieursbureau ARUP. Vooraanstaande persoonlijkheden dus – en toch zou de bouw in een chaos eindigen. Of anders gezegd: alleen deze opmerkelijke persoonlijkheden waren in staat om de bouw van het operagebouw te voltooien ondanks de chaos die ze zelf hadden veroorzaakt …

Het probleem was het volgende: Utzon was een kunstenaar, een genie zoals Arup zei, die zich in het begin weinig erom bekommerde of zijn ontwerp statisch te realiseren was. Zijn ruwe schets speelde hem in de kaart, vooral omdat er geen enkele ingenieur in Saarinens jury zat. Hoe geweldig het ontwerp ook was, het werd aangenomen zonder dat enige aandacht aan de technische realisatie was besteed.

Zo kwamen Utzon en Arup bijeen en dachten na over de dakconstructie. Twaalf verschillende varianten van het schelpvormige oppervlak werden bedacht en weer afgekeurd. Uiteindelijk voerden met ponskaarten aangestuurde computers 18 maanden lang berekeningen met betrekking tot de complexe geometrie en statica uit. Voor de dakconstructie zijn meer dan 1700 tekeningen gemaakt.

De Australische deelstaat New South Wales die het project financierde, werd ongeduldig over het moeizame en langdurige proces. Men kreeg onenigheid met Utzon en premier Askin stopte de financiering voor de architect die vervolgens in 1966 boos de bouwplaats en het land verliet – mogelijk in de hoop dat de regering zou terugkrabbelen en hem zou terugroepen. Dat gebeurde niet. De regering huurde in plaats daarvan getalenteerde architecten uit eigen land in. Utzon nu was bang dat zijn werk niet correct en vakkundig zou worden voltooid. En inderdaad hebben de bezuinigingen hun sporen achtergelaten: het interieur kan geen gelijke tred houden met het grootse uiterlijk en ook de akoestiek voldoet niet aan de eisen die je aan een operagebouw van een dergelijke omvang mag stellen. Jørn Utzon zette nooit meer een voet op Australische bodem.

HET OPERAGEBOUW IN SYDNEY: ondanks de chaotische bouwfase met onbevredigende compromissen een wereldwijd succes.

Sydney Opera House

HET OPERAGEBOUW IN SYDNEY: ondanks de chaotische bouwfase met onbevredigende compromissen een wereldwijd succes.

STILTE IS EEN LUXE GEWORDEN

Hoe gek dat ook mag klinken, is in vergelijking met het Sydney Opera House bij de Elbphilharmonie veel goed gedaan. Want ondanks alle gekrakeel hebben ze nooit de fout gemaakt om grote bouwkundige compromissen te sluiten. Natuurlijk zou een betere tijdsplanning en financiële planning zeer wenselijk zijn geweest, maar bij de realisatie van dergelijke vlaggenschipprojecten moet je niet op kwaliteit bezuinigen – want de kosten daarvoor worden altijd door de exploitanten van het gebouw terugverdiend. Zo zijn in de zomer van 2016 in Sydney uitgebreide renovatie- en verbouwingswerkzaamheden begonnen, waarbij ook de grote concertzaal met 2688 zitplaatsen onder handen wordt genomen. Vanaf 2019 zal de zaal anderhalf jaar lang gesloten zijn, voornamelijk om de akoestiek te verbeteren. De fouten die bijna 50 jaar geleden zijn gemaakt, worden gecorrigeerd met als doel het operagebouw ook qua akoestiek naar de wereldtop te brengen. Daar waar de Elbphilharmonie zich nu al bevindt. Dankzij Yasuhisa Toyota.

YASUHISA TOYOTA'S MEESTERWERK? De Japanner is verantwoordelijk voor de ongelooflijk hoogwaardige akoestiek in de Elbphilharmonie.

Yasuhisa Toyota is responsible for the acoustics at the Elbphilharmonie

YASUHISA TOYOTA'S MEESTERWERK? De Japanner is verantwoordelijk voor de ongelooflijk hoogwaardige akoestiek in de Elbphilharmonie.

De grote medicus Robert Koch voorspelde in 1910: "Er komt een dag waarop de mens lawaai even intensief zal moeten bestrijden als de cholera en de pest." Je hoeft niemand uit te leggen dat Koch gelijk had: stilte is een luxe geworden. Daarom is het akoestische ontwerp van zijn apparaten heel belangrijk voor Kampmann. Dit is in het bijzonder in geluidsgevoelige ruimten als bijvoorbeeld hotelkamers waardevol, waar de installatie voor klimaatregeling vooral 's nachts zo stil mogelijk moet zijn (zie pagina 28 e.v.). In concertzalen is het niet zozeer zaak om de stilte te handhaven, als wel om de muziek niet in de weg te zitten. In het R&D-center van Kampmann wordt het geluid van apparaten als de Venkon of de Katherm-convectorputverwarming geoptimaliseerd. In talloze testen worden de apparaten in verschillende constellaties gemeten en steeds verder verbeterd. Het eigen laboratorium voor geluidsmeting is een belangrijk middel om betrouwbare resultaten te verkrijgen. Hier worden zowel geluidsdrukmetingen volgens ISO 3744 tot 3746 als geluidsintensiteitsmetingen voor de bepaling van het geluidsvermogensniveau volgens ISO 9614 uitgevoerd.

Oorspronkelijk was een andere leverancier uitgekozen om de Elbphilharmonie van convectorputverwarmingen te voorzien. De eis voor de maximale geluidsemissie van de apparaten was 32 dB(A). De fabrikant garandeerde dat hij deze waarde niet zou overschrijden. De ontwikkelaars lieten de apparaten echter door onafhankelijke specialisten testen en daaruit bleek: de convectorputverwarmingen waren duidelijk te luid. Zodoende werd een aanvraag naar Kampmann verstuurd. Wij zouden niet hierover berichten, als Kampmann dit project niet in de wacht zou hebben gesleept. Bovendien heeft Kampmann het Westin-hotel en de luxewoningen op de bovenste verdiepingen van de Elbphilharmonie met klimaattechniek uitgerust (zie infoboxen).

DE MAN MET HET BUITENGEWONE GEHOOR

Laten we terugkeren naar Yasuhisa Toyota: deze man is een legende. Als je tenminste kunt spreken van zoiets als een legende in deze specialistische niche die het terrein van akoestisch ontwerp vormt. Yasuhisa Toyota is 63 jaar. De Japanner met volle, zwart-grijze baard en schalkse glimlach straalt een onverstoorbare rust en kalmte uit. Een eigenschap die basisvereiste is voor het werk dat hij doet. Want de projecten waaraan hij werkt, duren altijd enkele jaren – en hebben de neiging om de geplande tijd duidelijk te overschrijden. Dat was het geval bij de Elbphilharmonie, bij het concertgebouw Kopenhagen en bij de Walt Disney Concert Hall in Los Angeles, allemaal concertgebouwen waarvan de akoestiek door Toyota werd vormgegeven. Dus geduld is vereist. En sterke zenuwen. Want de kwaliteit van het werk van een akoestisch ontwerper kan pas worden getoetst, als er geen weg terug meer is. Je plant, simuleert en bouwt (in het geval van de Elbphilharmonie) zeven jaar lang en bent pas zeker van een positieve uitkomst nadat het eerste concert is gegeven. Maar Toyota zou niet de superster onder de akoestische ontwerpers zijn, als hij niet over een buitengewoon talent (of moet je zeggen: gehoor?) voor concertzalen zou beschikken. Het Musiikkitalo bijvoorbeeld, een in 2011 geopend concertgebouw in Helsinki, is aanzienlijk succesvoller dan gepland. De bezoekersaantallen zijn wel vier keer hoger dan verwacht. De veelgeprezen akoestiek van Toyota zal hieraan hebben bijdragen. Esa-Pekka Salonen, muzikaal directeur van het Los Angeles Philharmonic dat de Walt Disney Hall als thuisbasis heeft, was zeer enthousiast na het openingsconcert: "Ik was erg bezorgd over het geluid, maar nu ben ik heel gelukkig en het orkest is dat ook. Precies zo moet de L.A. Philharmonic klinken!"

De Elbphilharmonie is een oriëntatiepunt, een bezienswaardigheid, een hotel en een wooncomplex. Maar in de allereerste plaats is het een concertgebouw. Het hart van de Elbphilharmonie wordt daarom gevormd door de Grote Zaal. En een concertzaal, hoe spectaculair deze visueel ook oogt, is slechts zo goed als zijn akoestiek. Enigszins gechargeerd zou je dus kunnen zeggen dat het werk van Yasuhisa Toyota beslissend was voor het slagen dan wel mislukken van de Elbphilharmonie. Er zijn ongekende inspanningen verricht om een mislukking uit te sluiten.

INTIEM: DE BESTE PLAATSEN IN DE WIJNGAARD

In de Grote Zaal van de Elbphilharmonie is ruimte voor 2.100 mensen. De rangen zijn volgens het wijngaardprincipe opgebouwd: het podium bevindt zich in het midden en de toeschouwers zitten op terrassen en balkons die rondom het centrum naar boven toe zijn opgebouwd. Dit principe, bedacht door de architect Hans Scharoun, werd voor het eerst in 1960 in de Berliner Philharmonie toegepast. Hij introduceerde ook de term 'oplopende wijngaarden', waarmee hij de aaneengesloten grote toeschouwersrangen wilde doorbreken en zo voor meer intimiteit wilde zorgen. Tegelijkertijd is er een sociale dimensie aan de opbouw verbonden: van de hiërarchische verdeling van klassieke concertzalen waarbij de beste plaatsen op de eerste rijen aan de welgestelden voorbehouden waren, is bij Scharouns architectuur geen sprake meer. De asymmetrische plattegrond van de Berliner Philharmonie is ontstaan in verband met de akoestiek: door ontbrekende parallelle vlakken worden akoestische problemen zoals echo's en resonanties in de ruimte voorkomen. Scharouns revolutionaire benadering won terrein: veel grote concertgebouwen volgden het voorbeeld van de Berliner Philharmonie. Dat gold ook voor de Elbphilharmonie. Om die reden is ook in Hamburg de plattegrond asymmetrisch. Waarbij wel dient te worden onderscheiden waar het werk van de architect eindigt en dat van de akoestisch ontwerper begint.

De Elbphilharmonie is het architectonische werk van de Zwitsers Herzog & de Meuron, over de hele wereld bekend door werken als de Tate Modern in Londen, de Allianz Arena in München of het Vogelnest, het Nationale Stadion in Peking. Jacques Herzog en Pierre de Meuron zijn niet alleen verantwoordelijk voor het nu al iconische uiterlijk van de Elbphilharmonie, maar ook voor de concertzaal. Qua esthetiek kan je de Grote Zaal als zeer geslaagd beschouwen. De toeschouwersrangen zijn organisch en vloeiend rondom het podium gegroepeerd. Geen enkele toeschouwer zit verder dan 32 meter van het gebeuren verwijderd, overal is het zicht optimaal. Maar hoe gunstig de asymmetrische wijngaardarchitectuur ook is voor het voorkomen van echo's, deze is ook onberekenbaar. De zaal is zo complex en kent zoveel hoekjes dat het berekenen van de akoestiek een lastige aangelegenheid is. De architecten bepalen dus de ruimte. De akoestisch ontwerper moet vervolgens het beste ervan maken. Om één akoestisch aspect hoefde Yasuhisa Toyota zich in elk geval geen zorgen te maken: lawaai vanbuiten. En dat is opmerkelijk: niet alleen dringt er geen straatlawaai door in de zaal – zelfs als de Queen Mary 2 in Hamburg is en zoals gebruikelijk om twaalf uur 's middags de scheepshoorn luidt, heerst er stilte in de filharmonie. Om dat voor elkaar te krijgen, heeft men de hele zaal akoestisch ontkoppeld – deze hangt letterlijk in de lucht. 362 veerpakketten verbinden de 'bubbel' met de omhullende betonschil. Hier begon het werk van Toyota. Natuurlijk werkte hij ook met 3D-computersimulaties. Weliswaar zijn er veel formules en meetmogelijkheden beschikbaar op basis waarvan de juiste maatregelen kunnen worden vastgesteld en een uiterst nauwkeurige blik in de toekomstige akoestiek kan worden geworpen. Toch heeft Toyota aanvullend een maquette van multiplex laten bouwen. Vijf bij vijf meter meet deze mini-filharmonie die door Toyota intensief werd doorgemeten – voor een uitverkochte zaal overigens: alle 2.100 zitplaatsen in de maquette waren door poppen bezet die allemaal loden jassen droegen.

DE WITTE HUID – EEN ENORME, 226 TON WEGENDE PUZZEL

De resultaten werden verwerkt in een concept dat absoluut uniek is: de 'witte huid'. In samenwerking met de architecten ontwikkelde Toyota een bijzondere beplating voor de Grote Zaal: 10.000 gipsvezelplaten waarvan elke plaat afzonderlijk is gefreesd en van een oppervlak is voorzien dat interessant en toevallig genoeg doet denken aan het dak van de Elbphilharmonie. Maar Toyota en zijn medewerkers houden zich niet bezig met toeval. De gipspanelen vormen niet alleen een gigantische, 226 ton wegende puzzel – het oppervlak van elke plaat is zo vormgegeven als op de plaats waar deze wordt gemonteerd, voor een goede akoestiek vereist is. Met andere woorden: elke plaat reflecteert het geluid precies zo als op deze plaats nodig is. Hiervoor heeft het bedrijf 'One to One' uit Frankfurt speciaal een computerprogramma ontwikkeld dat voor elk afzonderlijk paneel een individueel oppervlak, maar ook een eigen gewicht berekende. Zo reikt de dikte van de gipspanelen van 35 tot 200 millimeter, terwijl het gewicht een maximaal gewicht van 150 kilogram per vierkante meter bereikt, want de stelregel luidt: hoe meer massa, hoe meer geluid er wordt gereflecteerd. Het doel: de perfecte klank natuurlijk. En wel overal in de ruimte. Zo geldt de gelijkwaardige verdeling van zitplaatsen ook voor het geluid.

EN TOEN WAS DAAR EINDELIJK …

The Elbphilharmonie in Hamburg

… de opening – een moment waar lang, zeer lang naar was uitgezien en dat ook nog eens historisch kon worden genoemd. De gasten waren al even prominent: behalve journalisten en cultuurrecensenten van over de hele wereld bevond Angela Merkel zich in het publiek. Bondspresident Joachim Gauck hield de openingsrede en riep de gasten "Wees verheugd, Hamburg!" toe. En dat konden ze ook zijn. Want de zaal voldeed aan de verwachtingen die men ervan had. De eerste geluiden na de bruisende openingsavond waren zonder uitzondering positief tot euforisch: "Analytisch helder, fijn gedifferentieerd en loepzuiver", merkte SPIEGEL-cultuurredacteur Werner Theurich op en hij voegde eraan toe: "Zo heb ik Brahms nog nooit gehoord!" Voormalig burgemeester van Hamburg Klaus von Dohnanyi zei op Deutschlandradio: "De klank is ongewoon – heel krachtig. Maar als je elk woord van de countertenor verstaat, dan weet je dat de akoestiek prachtig geslaagd is."

The Elbphilharmonie in Hamburg

Photo credits: Elbphilharmonie @ Iwan Baan; Sydney Opera House @ Sardaka – CC BY 3.0; Yasuhisa Toyota @ Michael Zapf; Elbphilharmonie (Apr 2016) @ Maxim Schulz; Elbphilharmonie Fassade @ Michael Zapf